Natte rommel. Modderige slootranden, plas-dras weiland, veen en drassige hooilanden. Met zachte bodem waar z’n lange snavel in kan prikken. Maak het ‘m makkelijk: laat een hoek van tuin of erf nat, leg een ondiepe poel aan, houd oevers flauw en rommelig. In park of buitengebied: kies voor natuurlijke oevers en laat ruigte staan langs water. Op landbouwgrond: plas-dras percelen en laat greppels langer nat.
De watersnip is een bodemprikker op plekken waar het wemelt van het leven. Hij eet vooral regenwormen, insectenlarven en kleine slakjes. En hij is zelf weer prooi voor roofvogels: een gezonde voedselketen, recht uit de modder.
Vooral doortrekker en wintergast van herfst tot vroege lente. Broeden doet ie nog, maar op weinig plekken, vooral in natte natuurgebieden.
Achteruit. Minder natte, kruidenrijke graslanden en rust betekent: minder watersnip. Meer water vasthouden helpt direct.
We keep refining this text. Missing something or is something not right? Mail [email protected] and help out. Together we'll smooth the feathers again.